De laatste sprint voordat het ontwikkelteam de software overdraagt aan de klant, noemen we ook wel Sprint Z. Het doel van deze fase is de klant duidelijk aan te geven dat de projectfase voorbij is en we nu in een onderhoudsfase terechtkomen. Daarnaast is het de bedoeling dat de oplevering zo goed mogelijk verloopt en de software open wordt gezet naar “de buitenwereld”.
De Tech Lead is verantwoordelijk voor het aanmaken van een "deployment plan" story. Hierbij controleert hij of alle vereisten voor het opleveren van de software gereed zijn.
De Projectleider is verantwoordelijk voor het opstellen van het onderhoudsplan (zie P-230 Onderhoud), het invoeren van het back-upbeleid (B-220b) en vaststellen van de procedures bij verstoringen (zie P-240 Support)
De Projectleider stelt een regressietestplan op en deelt deze met de functionele testers. De functionele testers testen de software op basis van het plan. De Projectleider controleert de uitkomsten en is verantwoordelijk voor triage. Bij urgente bevindingen zorgt de Projectleider voor het toevoegen van de user stories aan Sprint Z en informeert het ontwikkelteam. Bij minder urgente bevindingen plaatst de Projectleider de stories op de backlog van het project. Nadat alle urgente stories zijn opgepakt kan de Pre-demo plaatsvinden.
De Projectleider plant de pre-demo met het ontwikkelteam en bereid de klantpresentatie voor. Tijdens de pre-demo oefenen we de demo om zo goed mogelijk beslagen ten ijs te komen voor de officiële klantdemo. In overleg stellen zij een teamlid verantwoordelijk voor het verzorgen van de officiële klantdemo.
De Projectleider plant de klantdemo in waar zowel de klant als het ontwikkelteam aan deelnemen. Het team presenteert de resultaten a.d.h.v. de voorbereide presentatie en demo van het project. Daarnaast wordt de bijbehorende documentatie (testplan, handleiding) overgedragen. De Projectleider licht toe dat de onderhoudsfase officieel van start gaat conform de gemaakte afspraken in de SLA.
De Projectleider maakt ter afsluiting afspraken met de klant over de doorlooptijd van de door hen uit te voeren acceptatietest en deelt de benodigde instructies. Ook maken zij een afspraak voor het Go/No-Go moment.
Na de overdracht is de Lead Developer verantwoordelijk voor het dagelijks (laten) controleren van de logs van het project. Hiermee staat het development team standby voor eventuele problemen. De uitrolperiode is maximaal een maand.
Tijdens het Go/No-Go moment hakt de klant de uiteindelijke knoop door om de productie omgeving ‘open’ te zetten voor de eindgebruikers. Bij een Go verzorgt de Lead Developer het beschikbaar stellen van de software voor de eindgebruiker het ingeplande tijdstip.
Bij een No-Go evalueert de Projectleider met de klant welke urgente wijzigingen moeten worden uitgevoerd voor livegang. Voor deze wijzigingen maakt de Projectleider een nieuwe sprint aan om de oplevering te verzorgen.
De Projectleider is verantwoordelijk voor het archiveren van de projectdocumentatie en ‘opschonen’ van de opslaglocaties in Google Drive en Orbit. Ook controleert de Projectleider op het verwijderen van eventuele database exports van de schijf/cloud. Vervolgens sluit hij het project in Orbit. De Projectleider stuurt, in overleg met de Commercieel Directeur, de eindrapportage uit Orbit op naar de klant. In deze e-mail vraagt de Projectleider de klant om feedback op de dienstverlening en het product.